Javascript must be enabled for the correct page display

Het effect van torsie op gehaakt hechtdraad in handpeesherstel

Lam, J.W. het (2010) Het effect van torsie op gehaakt hechtdraad in handpeesherstel. Bachelor's Thesis, Biology.

[img]
Preview
Text
Verslag_Bachelorproject_Jan-Wi_1.pdf - Published Version

Download (831kB) | Preview

Abstract

J.W. het Lam, Universitair Medisch Centrum Groningen afdeling Biomedical Engineering Het effect van torsie op gehaakt hechtdraad in handpeesherstel Doel In eerdere onderzoeken is aangetoond dat gehaakt hechtdraad in de toekomst een goede oplossing zou kunnen gaan vormen voor handpeesherstel. Vanwege tekortkomingen in de bestaande gehaakte hechtdraden werd er een nieuwe methode bedacht, namelijk het gebruik van torsie op de hechtdraden tijdens de preparatie ervan. Dit onderzoek staat in het teken van deze nieuwe methode, het is de bedoeling dat het effect van de torsie getest wordt om zo al dan niet te kunnen concluderen of het daadwerkelijk een verbetering is binnen het onderzoek. Methodes Voor Test 1 zijn er 8 PDS 3-0 draden (Ethicon, Johnson and Johnson, Hamburg Duitsland) op verschillende manieren geprepareerd. Elke draad had een andere inkepinghoek/ inkepingafstand/torsie configuratie. Deze geprepareerde draden werden door een stukje schuimrubber getrokken, waarbij er op een veerunster gekeken werd naar de maximale trekkracht. In Test 2 zijn twee typen draden gebruikt, met als basis PDS 3-0 draden. Het ene type was geprepareerd met alle haakjes één kant op (unidirectioneel) en het andere type met de haakjes vanaf het midden twee kanten op (bidirectioneel). Met deze draden zijn er 12 reparaties gemaakt van varkenspezen, dit alles met een Kessler hechting. Deze reparaties zijn getest (Zwicki Z2.5/TS1S) en gefilmd (Canon XH G1s, Canon Inc. Japan) om de maximale trekkracht (Fmax) en de kracht nodig voor het bereiken van de 2mm-gap (F2mm) te bepalen. Na het testen van de reparaties, werden de verschillende delen van de gebruikte draad onder een microscoop bekeken, om zo de vervorming van de haakjes te evalueren. Resultaten Test 1 liet zien dat de draden met de kleinste inkepinghoek, kleinste inkepingafstand en meeste torsie de meeste weerstand opleveren (respectievelijk 25°, 1 mm en 75 rotaties). Test 2 resulteerde in een significant verschil tussen de Fmax van beide configuraties (P < 0,01). Hier was de bidirectionele variant met 19,0 N sterker dan de unidirectionele met 13,0 N. Het verschil tussen de F2mm van beide configuraties was geen significant verschil (uni 9,9 N en bi 12,1 N). De evaluatie van de haakjes gaf aan dat de hoogste mate van vervorming in het transversale stuk was. Conclusies Na de resultaten van Test 1 is de gevonden configuratie gebruikt in Test 2. In Test 2 kon geconcludeerd worden dat de bidirectionele configuratie beter resultaat levert dan de unidirectionele. Ook werd duidelijk dat de tests een keer herhaald moeten worden met dikkere draden om het potentieel van deze nieuwe methode te kunnen bewijzen.

Item Type: Thesis (Bachelor's Thesis)
Degree programme: Biology
Thesis type: Bachelor's Thesis
Language: Dutch
Date Deposited: 15 Feb 2018 07:45
Last Modified: 15 Feb 2018 07:45
URI: http://fse.studenttheses.ub.rug.nl/id/eprint/9498

Actions (login required)

View Item View Item